Zodiac

Zodiac is David Fincher’s verfilming van het verhaal van de seriemoordenaar die vanaf 4 juli 1969, als hij zijn eerste moord gepleegd heeft, de politie met allerlei brieven – in code geschreven – bezighoudt. De film belooft een film te worden over het ontrafelen van codes, maar behalve het tonen van wat boeken speelt dit verder nauwelijks een rol – helaas wat mij betreft. De film gaat meer overhet vinden van de identiteit van de “Zodiac”. Die identiteit is nooit vastgesteld, hoewel Fincher wel een suggestie doet: aangezien de gesuggereerde dader al jaren dood is, is dat kennelijk geen probleem.Volgens de recensie van Jan Pieter Ekker op Cinema.nl is het verhaal al eerder verfilmd: dezelfde moordzaak diende eerder als inspiratiebron voor The Limbic Region van Michael Pattinson, The Zodiac van Alexander Bulkley en Dirty Harry van Don Siegel.Drie mannen houden zich vanuit hun verschillende vaardigheden bezig met het vinden van de identiteit van de “Zodiac”: Dave Toschi (Mark Ruffalo), belast met het politieonderzoek; Paul Avery (Robert Downey jr.) misdaadverslaggever bij de San Francisco Chronicle, en Robert Graysmith (Jake Gyllenhaal – eerder gezien in “Brokeback Mountain”) is politiek cartoonist bij dezelfde krant, die met nog twee andere kranten aanwijzingen kreeg opgestuurd van Zodiac. Bij alledrie mannen leidt dat ertoe dat hun carrières en levens erdoor geruïneerd worden – nog het minst bij Robert Graysmith, naar wiens boeken “Zodiac” en “Zodiac Unmasked” de film gemaakt is. Verrassend is dat hij het geheim uiteindelijk lijkt te ontrafelen – althans binnen zijn eigen theorie. Daarvoor moet hij een hoop tegenwerking van politiemensen overwinnen. Ronduit spannend is het moment als hij in het huis staat van de ontwerper van de poster voor “The most dangerous game” (1932), een film die een verband legt met de daden van de Zodiac.Ruim twee-en-een-half uur duurt de film – die mij gaandeweg steeds meer in de greep kreeg. En toen ik dacht dat Graysmith de dader gevonden had, kwam voor de aftiteling de droge mededeling dat de verdachte was overleden voor hij verhoord kon worden – uiterst frustrerend, waarvoor Bart van der Put van het Parool als verklaring heeft:

Maar waarschijnlijk wilde Fincher zijn publiek laten delen in de verlammende en gekmakende frustraties van de mannen die hun leven lang zochten en met lege handen achterbleven.

Het wat mij betreft mooiste citaat uit de vele recensies:

A brilliantly sustained aria of obsession and failure, Zodiac is an absurdly entertaining, two-and-a-half-hour, $75 million shriek of alpha-male OCD (= obsessive-compulsive disorder – kb) impotence. (Sean Burns in Philadelphia Weekly).

3 June 2007
By on 21:02
Diana Ross in Ahoy

Diana Ross trad afgelopen zaterdag 19 mei op in Ahoy. Gesuggereerd werd dat ze haar laatste CD “I Love You” zou promoten. Gelukkig voor de vele fans zong ze hoofdzakelijk haar oude nummers. Zelf zit ik niet zo goed in mijn Diana Ross en ken eigenlijk maar drie nummers: Chain Reaction, Theme from Mahogany en Brand New Day uit “The Wiz”. Maar ze heeft duidelijk meer gedaan - zeker gemist. Ik vond overigens dat ze het best tot haar recht kwam in de twee mooie jazzy-nummers die ze zong. Wat mij betreft had meer van dit repertoire en dan in een intiemere zaal een hele mooie avond kunnen opleveren.Gesuggereerd was ook dat ze niet meer zo goed kan zingen. Als dat zo is, is het knap gemaskeerd. In de eerste nummers zong ze niet altijd even zuiver, maar het concert als geheel stond als een huis. Snoei-hard, dat wel. Die geluidstechnicus mogen ze van mij gelijk ontslaan. Ik zag bijvoorbeeld de bassist hard werken voor zijn geld, maar op het gehoor leek het of hij maar één toon speelde – één doffe dreun. En het gelijkmatig mixen van de strijkers en blazers op de half-playbacktape met de live-spelende musici ging hem ook niet al te best af.Desondanks: het was een leuke avond. Op mijn originele weblog (waarvan dit slechts de mirror is) heb een filmpje.

27 May 2007
By on 19:17
Jacob van Eyck bij het Kruidvat

Sinds twee jaar mijd ik “Het Kruidvat”. De reden is dat er iedere keer weer de mooiste klassieke CD’s zijn uitgebracht, voor een prijs waarvoor je ze zelf niet kunt kopiëren. Een oefening in zelfbeheersing.Via het Kruidvat heb ik mijn Bach-collectie compleet en een jaar later Mozart. Daarna de Puccini-opera’s, Schubert’s pianomuziek, Chopin’s pianomuziek, Mahler’s symphonieën en nog wat los spul van Mendelssohn, Dvorak, Brahms en Beethoven. Gemist, ik geef het ongaarne toe, heb ik de pianosonates van Beethoven, de symphonieën van Haydn en de complete werken van Händel en Vivaldi. -dat laatste is misschien niet zo erg.Kortom: ik ga helemaal los voor dat CD-rek; ik moet eigenlijk onder curatele. Deze week ging het toch weer een klein beetje fout. Ik liep in Egmond, en tja, wat moet je daar eigenlijk? Gelukkig was er een Kruidvat-filiaal, dus ik naar binnen. Zie ik daar een 3 CD-set met Jhr Jacob van Eyck’s “Der Fluyten Lust-hof”. Daar zijn natuurlijk nauwelijks liefhebbers voor; wie kan er nu 3 CD’s muziek voor blokfluit aanhoren? Ik niet !Maar aan de andere kant: ik heb die muziek ooit gespeeld toen ik nog jong en mooi was en de ambitie had Neerlands tweede Frans Brüggen te worden. De drie bij muziekuitgeverij XYZ in 1965 door Gerrit Vellekoop uitgegeven delen bladmuziek prijken nog goed geconserveerd in mijn bladmuziekkast. En die geweldige toelichting (bijna een boekwerk) bij de CD’s zijn alleen al die € 5,99 waard. Heb nog even geaarzeld – heel even maar – en ze toen gewoon gekocht. Dat was eigenlijk helemaal niet moeilijk – wel contant betaald, moet er niet aan denken dat de Belastingdienst erachter komt. :-) Thuisgekomen gelijk afgespeeld: geweldig. Erik Bosgraaf – tot voor kort nooit van gehoord – speelt de stukken ongelooflijk helder en zo zuiver als maar mogelijk is op een blokfluit.Ik heb inmiddels begrepen dat ik niet de enige liefhebber ben (zie de bespreking van Kees Smit), maar echt commercieel kan zoiets toch niet werken. Het Kruidvat zou een prijs moeten krijgen voor de durf om zo’n project uit te brengen.


By on 19:15
Pan’s Labyrinth – El laberinto del fauno

Het komt niet vaak voor dat ik zin heb om zomaar een film te gaan zien zonder iets speciaals op het oog te hebben. Ik liet mij leiden door de filmladder en maakte een negatieve keuze: Pan’s Labyrinth. Dat pakte achteraf nog niet zo slecht uit! Na het zien van de trailer dacht ik een Harry Potter-achtige Fantasyfilm te gaan kijken, maar Pan’s Labyrinth speelt zich af in Spanje vlak na de burgeroorlog, tijdens het regime van Francisco Franco. Ofélia is een jong meisje. Haar bio-vader, die kleermaker was, is overleden en haar moeder is hertrouwd met ( en zwanger van) de fascistische kapitein Vidal. Ofélia (haar naam verwijst naar de geliefde van Hamlet, die uiteindelijk waanzinnig werd en verdronk) reist met haar moeder naar het bos waar Vidal probeert af te rekenen met het republikeinse verzet. Dat levert o.a. een gruwelijke martelscene op, niet iets wat je onmiddelijk in een sprookjesfilm zou verwachten. Tegelijk levert dit ook de mooiste tekstregel op. Als dokter Ferreiro te hulp wordt geroepen om de gemartelde nog even op te lappen voor verder verhoor, besluit hij aan het verzoek van het slachtoffer te voldoen en hem een snelle en pijnloze dood te geven. Daarop zegt Vidal:

Capitán Vidal: You could have obeyed me! Doctor: [his last words] But captain, to obey – just like that – for obedience’s sake… without questioning… That’s something only people like you do.

Vervolgens schiet Vidal hem dood. Dat had hij overigens beter niet kunnen doen: even later zal hij hem hard nodig hebben. In haar nieuwe omgeving ontdekt Ofélia al snel een andere wereld in het labyrint dat achter het huis is gelegen. Daar ontmoet ze een faun die haar vertelt dat ze een prinses uit de onderwereld is. Ze moet drie gevaarlijke tests afleggen om te bewijzen dat ze niet door haar omgang met mensen, sterfelijk is geworden. De eerste proef – het verslaan van een gigantische pad die onder een oude boom woont – doorstaat ze glansrijk, maar bij de tweede gaat het al mis. Toch krijgt ze nog een kans: ze moet, zonder vragen te stellen, haar pas geboren broertje naar de faun brengen zodat het bloed van een onschuldige kan worden gebruikt om de poort naar de onderwereld te openen. Dit weigert ze – ook Ofelia gehoorzaamt niet om te gehoorzamen. Vidal, die haar achterna is gekomen, neemt haar haar broertje af en schiet Ofelia dood. Gelukkig is ook haar bloed onschuldig genoeg om de onderwereld te openen en terwijl de achtergeblevenen om haar rouwen, zien we Ofelia opgenomen worden in het rijk van de onderwereld.

Pan: And it is said that the Princess returned to her father’s kingdom. That she reigned there with justice and a kind heart for many centuries. That she was loved by her people. And that she left behind small traces of her time on Earth, visible only to those who know where to look.

Is de faun werkelijkheid of bestaat hij slechts in de fantasie van Ofélia? Als Vidal haar in het labyrint betrapt ziet hij de faun, die met Ofélia staat te praten, niet. Daar staat tegenover dat hij wel het krijtje vindt waarmee Ofelia haar eigen mystieke deuren kan tekenen en openen. De aluinwortel, die door de faun aan Ofélia wordt gegeven om haar moeder te genezen, wordt ook gevonden en lijkt echt te werken. Vergelijkingen met Tolkien, Narnia en Alice in Wonderland zijn al gemaakt. Zelf moet ik bij Ofélia’s terugkeer in het rijk van haar vader denken aan "Undine" van De la Motte Fouqué, maar dat zal wel met mijn preoccupatie met Albert Lortzing (die een opera van het sprookje maakte) te maken hebben. Pan’s Labyrinth werd bekroond met drie Oscars, voor het camerawerk, de artdirection en de make- up. Tevens drong de film door tot de Gouden Palm-competitie van het festival van Cannes. De titel "El Laberinto del Fauno " is in het Engels vertaald als "Pan’s Labyrinth" Waarom?

El Laberinto del Fauno literally translated means The Labyrinth of the Faun. Since in English faun (a satyr) and fawn (a baby deer) are both pronounced the same, it was believed that there would be some confusion so the English title is Pan’s Labyrinth even though the faun is not the god Pan.


By on 19:14
Nick Hornby: High Fidelity

Nick Hornby’s “High Fidelity” is het derde boek dat ik van deze Britse schrijver heb gelezen. Eerder las ik “A Long Way Down” en “About a Boy”.Al Hornby’s boeken zijn in een vlotte stijl geschreven en wat dat betreft lezen ze heerlijk weg, maar je vraagt je op een gegeven moment wel af waar ze nou eigenlijk over gaan. Okay, ze beschrijven typisch mannelijke obsessies en zwakke plekken, maar qua verhaallijn gebeurt er niet zoveel en dat laat me, ondanks een aantal grappige scenes, toch wat onbevredigd achter.Hornby zelf overigens geeft dit eerlijk toe:

“Nothing happens in the books… I’m creating a person who’s a lot like the person who’s reading the books.” (Guardian Unlimited Special Report)

“High Fidelity” gaat over Rob Fleming, eigenaar van een niet al te best lopende platenzaak “Championship Vinyl”, die zojuist verlaten is door zijn grote liefde Laura. Hij probeert er wanhopig achter te komen waarom al zijn vriendinnen hem uiteindelijk verlaten en begint een zoektocht langs zijn ex-en. Dat levert hem niet veel op. Beter is het te zoeken bij zijn grote obsessie: muziek. Rob, die eerst DJ is geweest, heeft de neiging iedereen te beoordelen op zijn muzikale smaak. Zijn twee werknemers, Barry en Dick, steunen hem hierin:

(…)Dick and Barry and I agreed that what really matters is what you like, not what you are like. (p.90)

De collega’s zijn het erover eens dat je eigenlijk een potentiele nieuwe relatie een vragenlijst zou moeten voorleggen met vragen over voorkeuren op het gebied van muziek, film, boeken en TV-programma’s!

It was intended a) to dispense with awkward conversation, and b) to prevent a chap from leaping into bed with someone who might, at a later date, turn out to have every Julio Iglesias record ever made.

Het plan werd nooit uitgevoerd, maar ondertussen deinst Barry er niet voor terug om een klant die het lef heeft te vagen naar “I Just Called To Say I Love You” van Stevie Wonder de winkel uit te jagen.

(…). “Because it’s sentimental, tacky crap, (…). Now, be of with you and don’t waste our time”.

Vervolgens, als Rob vindt dat Barry te ver is gegaan:

“What harm has he ever done you?” – “You know what harm he’s done me. He offended me with his terrible taste”. – “It wasn’t even his terrible taste. It was his daughter’s”. – You’re going soft in your old age, Rob. There was a time when you’d chased him out the shop and up the road”.(p.43)

Daar zit dan ook het keerpuntje. Als Dick een vriendin krijgt die een fan is van de Simple Minds, de

(…)number one in our Top Five Bands Or Musicians Who Will Have To Be Shot Come The Musical Revolution. (Michael Bolton, U2, Bryan Adams, and, surprise surprise, Genesis were tucked in behind them) (…) (p. 124)

houdt Rob zijn commentaar voor zich en gunt Dick zijn geluk.Alles komt goed tussen Rob en Laura, en wel op een heel onverwachte manier. En als ze samen bij vrienden van Laura op bezoek zijn komt de test: Rob mag een kijkje nemen in de platencollectie van het stel.

(…) sure enough, it’s a disaster area, the sort of CD collection that is so poisonously awful that it should be put in a steel case and shipped off to some Third World waste dump. They’re all there: Tina Turner, Billy Joel, Kate Bush, Pink Floyd, Simply Red, the Beatles, of course, Mike Oldfield (Tubular Bells I and II)….(p. 214)

Er blijft niet veel over wat je met enig zelfrespect in je platencollectie mag hebben :-) Dat geeft Paul, de man van het stel, ook toe en stelt dat Rob hem maar eens moet bijpraten. Rob doorstaat de test echter glansrijk:

“Each to his own, I say”.

en, achteraf,

(…)it’s not what you like, but what you’re like that’s important. (p.214)

Met een zetje van Laura kan Rob nu ook zijn carrière als DJ weer oppakken en regelt ze een fraaie promotie voor zijn winkel, die daardoor voor het eerst sinds tijden weer een behoorlijke omzet draait. Eind goed, al goed, zoals ook hoort in een “Feel-Good” boek. Absoluut prettig leesvoer, niet meer en niet minder.


By on 19:13
De Varkensfabriek – “Het Spreekuur”

De Varkensfabriek bestaat uit Karim El Guennouni en Mohammed Azaay.Dit seizoen speelt De Varkensfabriek hun nieuwe voorstelling Spreekuur. Het uitgangspunt van Spreekuur is, volgens Theaterbureau Grunfeld, de wijze waarop verschillende culturen met problemen omgaan. Het geheel speelt in een Marokkaans koffiehuis De eigenaar van het koffiehuis is overleden en zijn drie zoons vechten om de erfenis. Tarik, de oudste, wil geld verdienen door in het koffiehuis alcohol te gaan schenken en paaldansen te organiseren. Chackir wil gewoon koffie blijven schenken in de traditie van zijn vader. De gehandicapte zoon Rachid wil het geld gebruiken voor zijn heupoperatie. De drie broers zijn het over alles oneens en nemen zelfs geen beslissing over de begrafenis van hun vader, waarvoor trouwens ineens geen geld blijkt te zijn.Tussen de bedrijven door spelen ook de tweelingzusjes een rol. En de moeder. Is vader een natuurlijke dood gestorven? Drie honden vechten om een been, maar wie gaat er mee heen? Allerlei klanten van allochtone en autochtone komaf vallen geregeld binnen, evenals, niet zichtbaar, een heuse Surinamer, die “ook gediscrimineerd wil worden, want hij ws hier eerder dan de Marokkanen”.Alle rollen (volgens het programma 16, maar ik heb ze niet geteld) worden gespeeld door El Guennouni en Azaay. Soms nemen ze ook razendsnel elkaars rol over, waarna de ander weer in een andere rol kan kruipen. Dit alles gespeeld in een schaars decor. Een beetje te schaars, misschien, want ik was blij dat op 2 maart de zaal van het Westlandtheater niet al te zruk bezet was, zodat ik “zwart” op een betere plaats kon gaan zitten. Vanaf de mij toegewezen plaats had ik een groot deel van de voorstelling niet kunnen zien.Karim El Guennouni en Mohammed Azaay zijn zelf Marokkaan, maar, naar ik aanneem, volledig ingeburgerd. Het was verfrissend ze alle vooroordelen die autochtone Nederlanders over Marokkanen hebben, inclusief ongeneerd discriminerend taalgebruik, zelf te horen uitspreken. Hoogtepunt was de Rap, bijna op het eind van de voorstelling. Terwijl de ene acteur de rol van doofstomme rapper speelde, verzorgde de ander al rappend de ondertiteling, hetgeen een hilarisch effect gaf.

18 April 2007
By on 10:06
The Fish Fall in Love

De film “The Fish Fall in Love” (‘Mahiha ashegh mishavand’) is het regiedebuut van de bijna zeventigjarige Ali Raffi. Op het Franse Aubagne International Film Festival van 2006 werd de film bekroond met de prijs voor Beste Film. Raffi bouwde zijn ervaring op in film- en televisieproducties in Frankrijk en Groot-Brittannië. Het was zijn bedoeling in deze film Iraanse vrouwen te portretteren als assertief en competent. Of dat gelukt is met het meisjesachtige gegiechel van de vrouwen in de keuken over het verschil tussen Iraanse en buitenlandse mannen weet ik niet; op mij maakte dat niet zo’n sterke indruk. Het op zich magere verhaal ontwikkelt zich traag. Dit wordt ruimschoots goedgemaakt door de prachtige beelden, vooral overigens van het eten, zodat je zin krijgt om gelijk na de film een Iraans kookboek te kopen. Het verhaal gaat over Aziz, een man van middelbare leeftijd, die na 22 jaar terugkeert naar zijn geboorteplaats om zijn eigendommen en zijn familiehuis te verkopen. Het huis blijkt bewoond door Attieh, de vrouw waar hij in zijn jeugd verliefd op was. Aziz moest indertijd om onduidelijke redenen het land ontvluchten, uit tekeningen die hij gemaakt heeft en waarop Che Guevara, Karl Marx en Lincoln te zien zijn kunnen we afleiden dat hij waarschijnlijk om politieke redenen moest uitwijken.Attieh runt in het huis een voortreffelijk restaurant met dezelfde naam. Tooka, de dochter van Attieh (uit een ander huwelijk), is niet van plan het huis op te geven. Ze besluit het heft in eigen handen te nemen. Geïnspireerd door de Sprookjes van 1001 Nacht (waarin Sheherazade door het vertellen van verhalen uitstel en uiteindelijk afstel van executie weet te krijgen), schotelt Tooka haar moeders voormalige verloofde de meest lekkere gerechten voor om hem over te halen te blijven.Attieh denkt dat Aziz haar indertijd vrijwillig verlaten heeft en weet niet dat Aziz om politieke redenen gearresteerd is en het land moest ontvluchten, net als Touka die denkt dat haar geliefde verdwenen is en niet weet dat hij om politieke redenen in de gevangenis zit. Het onbegrijpelijke voor mij is dat dergelijke zaken toch eenvoudig uit te praten zijn – en zeker had Aziz Touka snel van haar onzekerheid af kunnen helpen – maar dan zou er waarschijnlijk weinig van de film over gebleven zijn. De onzekerheid over de bedoelingen van Aziz drijft de film voort, in stand gehouden door de geheimzinnige telefoontjes van de advocaat van Aziz.Het beeld van de wilde forel als metafoor van mensen die tegen de stroom inzwemmen en de spiegeling tussen de arrestatie van de geliefde van Touka, de man die Aziz een lift gaf naar zijn dorp en die om onduidelijke politieke redenen wordt opgepakt, net als Aziz twintig jaar eerder zijn de kunstgrepen die de film misschien niet nodig had. The Fish Fall in Love is gewoon een melancholiek liefdesverhaal – hoe onzinnig ook – met fraaie beelden. Eigenlijk is dat meer dan genoeg.Recensies:

Raden naar onuitgesproken zaken“Het zijn geen spannende verhaalontwikkelingen, maar kleine onthullingen uit het verleden waarmee Raffi stap voor stap de spanning vast wil houden. (…) Mensen die tegen de stroom inzwemmen: het is een boeiend eigentijds thema dat desalniettemin niet vaak expliciet in een Iraanse film centraal staat. Jammer dat hun geheimen net niet spannend genoeg of te voorspelbaar zijn om de hele film te kunnen dragen.”Floortje Smit – De VolkskrantHoogst haalbare onder Iraanse repressie“De film is het regiedebuut van de bijna zeventigjarige Ali Raffi (…). De oude rot had vast een prikkelender film kunnen maken, maar in de huidige Iraanse omstandigheden is The fish fall in love het hoogst haalbare. We moeten het doen met een goedmoedige film, waarin de schitterende gerechten en het schilderachtige landschap meer indruk maken dan het drama.”Jos van der Burg – Het ParoolOde aan sterke vrouwen“Raffi is goed in het suggereren van al deze politieke bijbetekenissen, voor de rest drijft zijn film op de charme van de eetfilm. De gerechten zien er heerlijk uit en de liefde gaat inderdaad door de maag.”André Waardenburg – NRC Handelsblad

Engelstalige recensie.


By on 10:05
Cats

Cats speelt weer! Dus ik ernaar toe. Ik had vorig jaar in Hannover al een Duitstalige voorstelling gezien; nu dus een Nederlandse. Ik hoor het liever in het Engels, maar het is absoluut weer prachtig gedaan. Zo prachtig dat het eerste deel zelfs een beetje saai was, bij alle perfectie. Na de pauze werd dat een stuk beter.Cats is eigenlijk een merkwaardig soort musical: het is gewoon een toonzetting van de gedichtenbundel “Old Possum’s Book of Practical Cats” van T.S. Eliot uit 1939. Gerrit Komrij vertaalde in 1985 de Engelstalige gedichtenbundel in ‘Kobus Kruls Parmantige Kattenboek’. Deze vertaling is ook gebruikt bij de Nederlandstalige musicaluitvoering.Vera Mann zong een dramatisch sterke Grisabella, beetje veel vibrato in de hoogte, maar dat is een kwestie van smaak, zullen we maar zeggen. Marco Bakker, de man die van zichzelf beweert dat hij net zo makkelijk een Mattheus Passie als een operette zingt zette, vooral in de slotscene, een absoluut mooie Oom Deuteromium neer; al was zijn bewegen wat potsierlijk naast de andere zangers/dansers. Dat zal wel zo bedoeld zijn – zo jong is Deuteromium tenslotte niet meer. Gino Emnes was als Rum Tum Tugger (Tuk-stuk-rukker in de vertaling) opvallend aanwezig tijdens de hele voorstelling en Mark John Richardson was werkelijk fenomenaal als Dr. Diavolo.Ik heb het van Cats altijd merkwaardig gevonden dat de hoofdrollen weggelegd zijn voor de losers: Grisabella en, in iets mindere mate, Oom Deuteromium zijn nou niet bepaald de rollen waar ik me mee zou willen identificeren. En de song “Memory” (in de Volkskrantrecensie vertaald als “Herinnering”) kan ik zeker niet de showstopper van het geheel noemen. De andere songs waren heel wat spectaculairder, niet in het minst door de schitterende dans en zang, die in het algemeen woordelijk te verstaan was.


By on 10:04
To Sail Beyond The Sunset

Heinlein’s boek “To sail beyond the sunset” met als ondertitel “the life and loves of Maureen Johnson (being the memoirs of a somewhat irregular lady” is het laatste deel uit de “History of the Future”-serie bestaande uit “Methusalah’s Children”, “Time enough For Love”, “The Number Of The Beast”, “The Cat Who Walks Through Walls” en als laatste dus “To Sail Beyond The Sunset”. Eigenlijk is dit boek een herschrijving van een passage uit “Time Enough For Love”, maar dan vanuit het perspectief van Maureen Johnson in plaats van Lazarus Long. De titel van het boek is ontleend aan het gedicht Ulysses van Alfred Lord Tennyson (1809-1892) waarvan een deel het motto van het boek vormt:

Come, my friends,T is not too late to seek a newer world.Push off, and sitting well in order smiteThe sounding furrows; for my purpose holdsTo sail beyond the sunset, and the baths Of all the western stars, until I die.

Heinlein’s boeken zijn als sciencefiction wellicht een beetje passé. De libertarische ideeën zijn hier en daar wel interessant, maar eigenlijk hoef je daar alleen “The Moon Is A Harsh Mistress” voor te lezen. In de History of the future-serie gaat Heinlein vooral uit van een groep mensen die genetisch zo bevoorrecht zijn dat ze extreem lang kunnen leven, zo’n honderd jaar. Deze groep is georganiseerd in de “Howard Foundation” en stimuleert dan ook de genetische zuiverheid van de familie. Trouwen en kinderen verwekken buiten de eigen clan is wel toegestaan, maar volbloed “Howard-kinderen” kunnen rekenen op een forse subsidie. Een ander interessant fenomeen in de serie boeken is het tijdreizen. De techniek hierachter wordt uitgelegd in “The Number Of The Beast”. Het leidt tot merkwaardige paradoxen, zoals wanneer Lazarus terugkeert naar de tijd van zijn eigen jeugd, verliefd wordt op zijn eigen moeder, maar deze liefde niet lichamelijk kan consumeren omdat, op het moment dat dee gelegenheid zich voordoet, hij zelf als klein jongetje op de achterbank van de auto zit! Dat hij ook de afloop van de oorlog en de beurscrash kan voor spellen is duidelijk.Sowieso is “To Sail Beyond The Sunset” niet echt een verhaal, maar meer een gigantische flashback van Maureen Johnson op haar leven, waarin Heinlein zich eigenlijk afzet tegen een aantal normen uit de traditionele burgermaatschappij. Dat is hier en daar even schrikken, want Heinlein preekt openlijk over partnerruil, polygamie en zelfs incest. Tegelijkertijd toont hij zich conservatief door bijvoorbeeld vaderlandsliefde en de plicht om voor het vaderland te vechten in tijden van oorlog te adverteren. Ook de wekelijkse kerkgang schijnt Heinlein de normaalste zaak van de wereld te vinden.Wat ik eigenlijk mis in vooral dit boek is wat Lazarus Long en zijn clan in de toekomst op de planeet Tertius nou eigenlijk de hele dag uitvoeren. Zoals gezegd: het hele verhaal is eigenlijk flinterdun en dialogen in het algemeen veel te lang, hoewel niet zonder humor en citaten die de moeite van het onthouden waar zijn. Zoals deze:

Free will is a fact, while you are living it. and predestination is a fact, when you look at any sequence from outside.

In dit verband schreef Heinlein in “The Number of the Beast”:

Random numbers are to a computer what free will is to a human being.

In dit soort observaties is Heinlein sterk en dat maakt het de moeite waard hem te lezen.


By on 10:04
LibraryThing

Als jongetje was ik al zo gek op mijn boeken dat ik er zelf bibliotheekkaartjes in stak om ze te classificeren. Niet dat iemand er naar keek, en zelf wist ik natuurlijk verdomd goed wat voor vlees ik in de kuip had, maar toch. Een heel enkele keer kom ik zo’n kaartje nog wel eens tegen. Toen de computer zijn intrede deed ging ik natuurlijk mijn zaken in een bestandje bijhouden, op zijn minst wat ik gelezen had. Het aantal boeken dat ik bezit is helaas vele malen groter dan wat ik gelezen heb. Dankzij Yvette’s Inner Geek Blog ontdekte ik vandaag LibraryThing! Wow! Nu kan ik mijn hele bibliotheek online zetten. En van alles bijhouden, plus zien welke gekken er wereldwijd nog meer geïnteresseerd zijn in het soort boeken dat ik lees. Dat houdt me wel weer even van de straat!


By on 10:03